Magister  |  Webmail  |  Office 365  |  Google G Suite  |  Cool  |  Printportaal       
Klik hier voor de schoolregels
loopbaandossier
Hub van Doornecollege - Onderwijs - Kerngroepen - Zorg en welzijn - Speerpunten

Kerngroep Zorg en Welzijn

Speerpunten

Competentiegericht Onderwijs
Drie kerncompetenties staan centraal: plannen en organiseren, samenwerken en overleggen, presenteren. Deze competenties staan ook op het rapport. Reflectiegesprekken meten de groei van deze vaardigheden van de leerling. In dit gesprek worden vervolgafspraken gemaakt hoe de leerling zich verder kan ontwikkelen. Tijdens stages nog twee andere competenties centraal: met druk en tegenslag omgaan, bedrijfsmatig handelen.

Buitenschools leren
Alle leerlingen van leerjaar 3 lopen stage. De leerling kent ook nog andere vormen van buitenschools leren. Bijvoorbeeld: de leerlingen van zorg en welzijn gaan interviews houden met zorgvragers in hun omgeving, organiseren van een lunch voor hulpverleners en opdrachten uitvoeren in buitenschoolse situaties. Zoals helpen in de huishouding bij ouderen. Vragen/opdrachten van buitenaf worden geselecteerd op haalbaarheid en toegevoegde waarde voor het onderwijs, het moet een win-win situatie opleveren voor alle partijen.

Taal- en rekenbeleid
Leerlingen worden getest op hun taal-en rekenvaardigheden. De testresultaten laten zien op welk niveau de school, klas maar ook de individuele leerling staat. In de brugklas is het streven om het 1F-niveau te halen en aan het einde van het Vmbo het 2F-niveau, dat aansluit op het Mbo-startniveau.  De metingen worden bovendien gebruikt voor aanpassing van het taal- en rekenbeleid. Daarnaast krijgen leerlingen met een taal- en/of rekenachterstand extra begeleiding om aan bovenstaand niveau te voldoen.

Loopbaan Oriëntatie en Begeleiding (LOB)
LOB loopt als een rode draad door het onderwijs. De mentor begeleidt leerlingen bij het beantwoorden van de 5 belangrijkste loopbaanvragen.

1. kwaliteitenreflectie (wat kan ik het best en hoe weet ik dat?)
2. motievenreflectie (waar ga en sta ik voor en waarom dan?)
3. werkexploratie (waar ben ik het meest op mijn plek en waarom daar?)
4. loopbaansturing (hoe bereik ik mijn doel en waarom zo?)
5. netwerken (wie kan mij helpen mijn doel te bereiken en waarom die mensen?)

Gedurende 4 schooljaren worden deze antwoorden vastgelegd in een digitaal loopbaandossier.