Magister  |  Webmail  |  Office 365  |  Google G Suite  |  Cool  |  Printportaal       
Alfrinkcollege - Onderwijs - Kerngroepen - 3/4 Mavo - Speerpunten

Kerngroep 3/4 Gemengde/theoretische leerweg

Speerpunten

Loopbaanleren en stage

In het vak technologie zal in leerjaar 3 en 4 oriëntatie en keuze voor een sector en/of beroep centraal staan. Het doel is leerlingen een bewuste(re) keuze te laten maken voor de sector en de vervolgopleiding. Binnen het vak technologie zal een stageperiode worden gecreëerd in dit schooljaar. Aan het einde van het schooljaar gaan alle 3e jaars leerlingen in blokstage. Voor hen is dit een beroepsvoorbereidende stage.

Maatschappelijke stage

De wereld wordt beter van ‘een ander helpen zonder eigenbelang’. Ons onderwijs wil bevorderen dat jongeren zich al vroeg verdiepen in de bijdrage die ze kunnen leveren aan het welzijn van anderen. Vrijwilligerswerk, in alle mogelijke soorten en variaties, is een zeer belangrijk sociaal bindmiddel in onze maatschappij. Maatschappelijke stage, het woord zegt het al, laat leerlingen ervaren wat het kan betekenen je in te zetten als vrijwilliger, je belangeloos op te offeren voor anderen die van hulp afhankelijk zijn.

In leerjaar 3 gaan leerlingen 30 uur op maatschappelijke stage. Deze zijn nooit betaald en worden uitgevoerd buiten de schooltijd van de leerling en gerelateerd aan het niveau van de opleiding.
Meestal vindt de maatschappelijke stage buiten de school plaats maar soms komen ook werkzaamheden op school in aanmerking als stage ( uitgezonderd corvee). Een verklaring over het aantal uren, aard van het werk en de waardering voor de wijze waarop de stage is ingevuld, wordt getekend door een daartoe aangewezen persoon binnen de organisatie.

Competentiegericht Onderwijs

Dit jaar maken leerlingen leerjaar 3 kennis met de competentie Plannen en Organiseren. Na een nulmeting zal in het stageproject middels reflectiegesprekken de voortgang gemeten worden en toekomstgerichte afspraken met de leerlingen worden gemaakt waarin zij zich kunnen verbeteren.

Sectorwerkstuk

In leerjaar 4 moeten alle leerlingen een sectorwerkstuk
maken. Het sectorwerkstuk omvat 40 klokuren. Het onderwerp van het sectorwerkstuk is de opleiding (en het beroep)die de leerling na het behalen van het diploma
gaat volgen. Leerlingen werken samen in 2 of 3 tallen. Deze groepjes worden zodanig samengesteld dat leerlingen dezelfde opleiding (beroep) hebben of in dezelfde sector een opleiding gekozen hebben. Ieder groepje wordt begeleid door 2 docenten die lesgeven aan de theoretische-gemengde leerweg. Een belangrijk onderdeel van het sectorwerkstuk is de praktische toepassing (minimaal 20 uur). Verplicht onderdeel van het sectorwerkstuk is een presentatie aan medeleerlingen. Het sectorwerkstuk moet minimaal met een voldoende afgesloten worden om aan het centraal examen deel te kunnen nemen.

Taal- en rekenbeleid

Taal
Door de afname van taaltesten van alle 3e jaars leerlingen wordt het niveau van de 3e jaar KB-leerlingen in beeld gebracht.. Het streefniveau voor taal- en rekenen is 2F. Dit niveau sluit aan op de vervolgopleiding van het Mbo. Op basis van de testgegevens wordt het taalbeleid voor het komende schooljaar aangepast: Door stimuleren van de samenwerking  tussen verschillende vakgebieden waarbij taal steeds meer ten dienste komt te staan van de praktijk. Middels projectonderwijs / stage / sectorwerkstuk / maatschappelijke stage / presentaties maken,  ondersteunen vakken elkaar en streven wij naar het beperken van de overlap.Technisch en hardop lezen wordt gestimuleerd bij alle vakgebieden.  Alle 3 jaars leerlingen volgen dramalessen m.b.t. hun taalontwikkeling.

Rekenen
De commissie Meijerink heeft in haar rapporten geconcludeerd dat leerlingen veel moeite hebben met (hoofd)rekenen. In de praktijk van het onderwijs moet daarom meer expliciet werk gemaakt worden van het (hoofd) rekenen. Er moet nadrukkelijk aandacht zijn voor begrippen, rekenfeiten, automatismen en routines. Dat moet leiden tot verankering van de gewenste beheersingsniveaus . Uiteindelijk, einde leerjaar  4,  moet er wat dat betreft een duidelijke verbetering meetbaar zijn.
Er is gekozen voor een invoeringstrject van de implementatie-methode Rekenblokken. Eerst moet via een toets het niveau gepeild en vastgelegd worden en vervolgens al een gedeelte worden geoefend. Ook dit wordt getoetst . In leerjaar 4 is dit een expliciet onderdeel van SE4.